Alice⭐, Lynn⭐ & Nyo⭐

Na iets meer dan een jaar proberen wouden we een stapje verder zetten om zwanger te worden en aangezien onze testen wel goed waren, wou onze gynaecoloog nog geen iui doen, maar werken met hormonale pilletjes ‘Clomid’. Zo gezegd, zo gedaan, en op 1 januari nam ik mijn eerste pil van de 5. Een dikke week later mocht ik al op controle gaan, want ik heb een korte cyclus. Nu bleek dus dat die pil heel goed werkte bij mij, want ik had 4 eitjes klaar zitten, eentje dat klaar was om te springen, de 3 andere zouden ongeveer dat weekend springen. Ik mocht ’s avonds m’n Pregnyl spuiten en nadien vrijen, maar zeker niet dat weekend, want anders was de kans op een meerling heel hoog. En 2 weken later, op 22 januari, zou ik dan een test mogen doen als ik niet menstrueerde.

Op 20 januari was ik bij m’n mama. Deze dag breng ik altijd met haar door omdat dit m’n broer zijn verjaardag was die 9 jaar geleden uit het leven is gestapt. Ik merkte toen dat ik licht bloedverlies had dus dacht dan ook dat onze poging mislukt was en belde naar de gynaecoloog om een nieuwe afspraak te maken. Ik was best wel grof tegenover de secretaresse omdat ik geen afspraak kon maken rond de dag dat ik normaal opnieuw een eisprong zou hebben. Eenmaal thuisgekomen bleek m’n bloedverlies gestopt te zijn, en ik was een beetje beschaamd. De dag nadien had ik opnieuw bloedverlies op het werk, maar eenmaal thuis: bloedverlies gestopt. De dag nadien hetzelfde verhaal. We waren ondertussen 22 januari en ik was het bloeden/niet bloeden een beetje beu en deed een test. Direct was er een tweede streepje te zien, IK WAS ZWANGER!!!!!! Ik belde direct naar de gynaecoloog om te zeggen dat ik een positieve test had en ik moest (op mijn verjaardag, 27 januari) mijn bloed laten prikken om zeker te zijn. Ik was zo blij, ik kon het wel uitroepen, maar langs de andere kant was het nog veel te vroeg. Alleen kon ik het niet lang verborgen houden, want 2 dagen later hing ik al boven de wc-pot. En nog voor ik m’n bloed moest prikken hadden ze het al door op het werk, want ik zag er niet uit, ik werd zelfs naar de bureau geroepen, want ziek mag je niet komen werken. Ik heb dan maar verteld dat ik mogelijk zwanger was. Eind die week kreeg ik telefoon van de gynaecoloog: ze wilde mij zo snel mogelijk zien, mijn waarden waren extreem hoog. Ik begon al te panikeren: ik had 3 keer bloedverlies gehad, straks was ik zwanger van een drieling, dat zou ik toch nooit aankunnen?

Een weekje later kreeg ik mijn eerste echo, en ja hoor: 3 vruchtzakjes te zien. We kregen direct al enkele risico’s te horen over een drielingzwangerschap en kregen ook de optie om eens langs het UZ in Gent te gaan, want daar kennen ze er toch iets meer van en kunnen ze ons ook meer uitleg geven over zulke zwangerschappen en of we niet beter 1 vruchtje lieten gaan.

De week nadien was echt de hel, de misselijkheid werd alsmaar erger en ik kreeg ook meer en meer draaiingen. Op 6 weken zwangerschap was ik zo ziek dat ik niet meer kon werken.

Aangezien het zo’n risicovolle zwangerschap was, had ik ook veel meer controles dan bij een gewone zwangerschap. Na enkele gesprekken met specialisten hadden we de keuze gemaakt om de drielingzwangerschap door te laten gaan als de NIP-test oké was, want hoe kun je nu een levend vruchtje laten sterven, en welke zou je dan nemen? Ik zou het mezelf kwalijk genomen hebben. Uit de NIP-test was gebleken dat we 2 meisjes en 1 jongen zouden krijgen en alles was in orde. Waaaauw, 2 meisjes en 1 jongen! Ik was zo fier op hen, en elke controle verliep ook altijd supergoed, de kindjes groeiden goed, alle organen waren aanwezig en ze waren heel actief!

Na een 15-tal weken zwangerschap begon de misselijkheid eindelijk te minderen en kon ik eindelijk genieten van de zwangerschap. Opvang zoeken had ik ondertussen al opgegeven, want ik kreeg overal de deur in mijn gezicht: ‘Sorry mevrouw, voor 3 kindjes hebben we geen plaats.’ De keuze was dan ook al gemaakt dat ik thuis ging blijven om voor de kindjes te zorgen, ik had immers ook recht op 3 jaar kraamhulp (waar ik ook meerdere telefoontjes voor heb moeten plegen en veel tranen voor heb gelaten omdat het eerst niet zeker was of ik daar wel degelijk recht op had).

Soit, ik was zwanger, en van een drieling, ik kon het soms nog niet geloven.

Ondertussen kwamen we te weten dat mijn schoonzus ook zwanger was, van haar tweede, en we waren maar met 19 dagen verschil uitgerekend. Ik vond dit wel tof, ik kon met iemand praten over m’n kwaaltjes (want ja, ik heb ze allemaal gehad!).

Aangezien ik eindelijk wat meer goede dagen had i.p.v. slechte en de kindjes het heel goed deden, konden we eindelijk beginnen met shoppen. En geloof mij, voor een drieling heb je verdorie veel nodig!

Ik was 19 weken ver als ik opnieuw naar het UZ in Gent moest voor een zoveelste controle, en wat keken we er weer naar uit, we konden onze kindjes nog eens zien. Op het eerste gezicht zag alles er goed uit, de kindjes groeien heel goed, er was genoeg vruchtwater… De gynaecoloog moest alleen nog even een vaginale controle doen, want ze kon de hersenen niet opmeten van ons dochtertje omdat ze met haar hoofdje naar beneden lag. En toen kwam ineens de ‘och mevrouw…’ (een stilte van een 2-tal seconden die voor mij minutenlang leek) ‘Mevrouw, u hebt ontsluiting, ik ga u hier moeten houden.’

Mijn droomwereldje werd in luttele seconden aan diggelen gegooid. Ik had 2 cm ontsluiting en de vruchtzak van ons dochtertje was al gedeeltelijk ingedaald. Ik werd direct naar boven gebracht, naar de materniteit. Ik wou geen gemeenschappelijke kamer, want ik wou op dat moment niemand zien, laat staan een gelukkige mama met haar kindje. Nu bleek er geen eenpersoonskamer vrij te zijn en werd ik naar een tweepersoonskamer gebracht. Oké, goed, die vrouw was ook nog zwanger en moest ook rusten, net zoals ik. Mijn kamergenootje was een Filipijnse en we hadden heel snel een leuke band met elkaar, Eigen kweek was er niets tegen, haha.

Ik kreeg na enkele dagen de keuze om terug naar huis te gaan, want stel dat ik zou bevallen voor 24 weken, dan konden ze toch niets betekenen voor de kindjes, ze mochten nog geen intensieve zorg geven aan de kindjes. Als de kindjes 24 weken waren, mocht ik terugkomen. Maar ik wou blijven, ik wou er alles aan doen om onze kindjes zo lang mogelijk in m’n buik te houden, al moest ik hiervoor weken in het ziekenhuis verblijven, ik bleef!

M’n vriend kwam mij ALLE dagen bezoeken, ook al moest hij daarvoor elke dag 2 uur in de auto zitten. Wij wonen namelijk in Londerzeel, en Gent is nu niet bepaald dichtbij. Ik kreeg zoveel steun van hem, ik kon geen betere papa wensen voor m’n kindjes! En als hij niet bij mij was, dan was hij thuis aan het werken, alles aan het klaarmaken voor de komst van onze drie wondertjes. Mijn mama kwam tussendoor ook helpen, zij kwam de kinderkamer schilderen, bergen met sneeuwtoppen en een luchtballon, echt een kunstwerkje!

De dagen gingen voorbij en mijn buik groeide en groeide en groeide. Ondertussen stond m’n buik niet meer stil, er was altijd wel 1 kindje wakker dat mij schopjes gaf. Vooral onze dochter die zo laag lag, onze Alice, vond het heerlijk om mijn blaas te gebruiken als boksbal. Zij gaf mij geen seconde rust. Ons zoontje reageerde dan meer als ik meezong met de radio en ons andere dochtertje was altijd heel actief als ik iets zoets at. Ik voelde direct dat ik 3 verschillende karaktertjes droeg.

Op 22 weken kreeg ik opnieuw een echo en toen vroegen ze me of ik geen druk voelde onderaan omdat ons dochtertje toch wel heel laag lag. Ik kreeg te horen dat de kans groot was dat ons dochtertje te vroeg ging komen, maar dat ze hun best zouden doen om onze andere dochter en zoon op te houden d.m.v. weeënremmers en een cerclage.

Het was echt een heel warme week en op donderdag 3 juni kreeg iedereen een ijsje van het ziekenhuis om wat af te koelen. Mijn geluk kon niet op, een ijsje, zalig! Alleen kreeg ik kort daarna wat krampjes… waarschijnlijk van dat ijsje, want ik had ook ineens wat diarree. Ik maakte me geen zorgen, want die krampjes zouden wel van mijn darmen komen. Maar die krampen werden alsmaar harder en ik kreeg ook krampen in m’n rug. Ik wou net de verpleging bellen toen ze binnenkwamen. Ik vertelde over mijn krampen en zei dat ik niet kon stilzitten, ik had pijn. De dokter werd gebeld en direct stonden ze daar met het echotoestel. Het zag er niet goed uit en ze vroegen of ik niet beter naar het verloskwartier zou verhuizen. Mocht de bevalling starten, dan zouden ze sneller kunnen ingrijpen. Zo gezegd, zo gedaan. Ik had m’n vriend al gebeld, want hij was op zijn werk met de late ploeg en ik wou op dat moment niet alleen zijn. Een uurtje later werden de krampen zwaarder en ze kwamen precies sneller. Ik begon de tijd in het oog te houden en ja hoor, je kon er de klok op gelijk zetten: elke 6 minuten had ik krampen, dit waren weeën.

De weeën kwamen steeds sneller en steeds heviger. Na 8 uur arbeid kwam de vroedvrouw vragen of ik geen epidurale wou, ik kon er nog lang liggen en ik hoefde toch geen pijn te lijden voor een kindje dat het toch niet zou overleven. Ik heb dit toch maar gedaan, ook al was ik ertegen. Maar goed ook, want ik had nog een lange weg te gaan. Ondertussen was in mijn bloed te zien dat mijn infectiewaarden aan het stijgen waren en kreeg ik hiervoor ook antibiotica.

Rond 16 uur op vrijdag 4 juni werden uiteindelijk mijn vliezen gebroken om de bevalling wat te versnellen, want ik lag al 20 uur te puffen en ik begon uitgeput te raken. Vrijdag 4 juni om 18.23 uur werd onze dochter Alice geboren, en wat een flinke meid, wat een prachtig kindje. Terwijl ik met m’n dochtertje in mijn armen lag, die zo mooi lag te huilen, waren de vroedvrouwen en dokter druk bezig met mij weeënremmers en een cerclage te geven. Maar het heeft niet mogen zijn, ik voelde mijn tweede dochter zo zakken en mijn weeën kwamen ook weer op gang na nog geen 20 minuten. Toen wisten we dus dat het gedaan was, ik zou waarschijnlijk alle drie mijn kindjes verliezen. Maar ik liet mijn hoofd niet hangen, ze waren er nog niet en ons ander dochtertje was er ook nog. Alice was een echt vechtertje, als we dachten dat ze er niet meer was, liet zij nog eens van zich horen. Zo erg, dat fragiele mensje was aan het snakken naar lucht terwijl wij erop stonden te kijken. Ze was nog te jong om intensieve hulp te krijgen, ik vond dit zo cru, maar langs de andere kant, wat voor levenskwaliteit zou ons meisje dan hebben? Rond 21 uur brak mijn water en kreeg ik direct persweeën. Maar er waren geen dokters vrij. Het was bijna weekend en het was heel druk op dat moment. Ik mocht nog niet persen. ik heb liggen roepen van de pijn, liggen smeken om mij te helpen (want och ja, mijn epidurale werkte maar half meer, mijn benen waren verdoofd en dat was alles, ik voelde alles!). 1 uur later was het zover, 2 keer persen en daar kwam onze tweede dochter, Lynn. Wat een pracht van een meisje, verdorie, wat kunnen wij mooie kindjes maken! Lynn heeft nog anderhalf uur geleefd en is dan stilletjes heengegaan in mijn armen. Ondertussen liet Alice nog eens van zich horen, ze was er ook nog altijd. Wat een sterk kind! Na 6,5 uur heeft ook zij de strijd opgegeven.

Het was ondertussen al middernacht en ik voelde mijn zoontje ook zo laag liggen, maar mijn weeën waren anders, die kwamen niet zo snel als bij zijn zusjes. Het zou nog een lange nacht worden! Ik was op! Ik kon niet meer! Ik was al 30 uur in arbeid, ik had het gehad. Ik voelde mijn zoontje zo laag liggen dus ik vroeg of ik niet mocht persen. Ik mocht proberen, maar hij had nog geen zin. Mijn krachten waren ondertussen ook al op. Ik moest wachten en de natuur zijn gang laten gaan. Zaterdagochtend vroeg ik om nog eens te proberen. Mijn water was wel nog niet gebroken, maar ze zouden hem met vruchtzak en al laten komen. Tijdens het persen sprongen mijn vliezen toch en ik gaf mijn vroedvrouw een verwarmende douche. Maar mijn weeën stopten opnieuw en voelde ook iets minder beweging. Hij bewoog nog, maar veel minder. Na een tijdje was het zover, ik mocht opnieuw persen, met mijn laatste krachten, tot ze zeiden dat ik moest stoppen. De gynaecoloog hield hem tegen met beide handen. Ze vertelden me dat hij gekneld zat en dat ze hem terug in mijn buik zouden duwen om hem dan wat te draaien en hem er dan opnieuw uit te halen. Ik heb nog nooit in mijn leven zulke helse pijn gevoeld. Enkele seconden later (wat voor mij minuten leken) was mijn zoontje geboren. De gynaecologen verwittigden mij dat we niet mochten schrikken, maar dat Nyo overleden was. Doordat hij met zijn schoudertje eerst kwam, zat hij gekneld en had hij de bevalling niet overleefd. Ik heb zo hard gehuild toen ze hem op mijn buik legden. Na 37 uur arbeid was ik mama geworden van 3 prachtige sterretjes: Alice*, Lynn* en Nyo*.

Ik was zo trots en verdrietig tegelijk. Toen ze me vroegen of we geen fotoreportage wouden van onze kindjes heb ik daarin direct toegestemd. Het ziekenhuis contacteerde Boven de Wolken en rond de middag was de fotografe er al. Ze nam echt haar tijd om de kindjes te fotograferen en ging heel liefdevol met hen om. De volgende dag kregen we de foto’s al via mail. Waauw, en wat zijn ze prachtig! Dankzij deze organisatie hebben wij nu prachtige herinneringen, prachtige foto’s om te koesteren, voor altijd!

Aangezien het weekend was, kon de sociale dienst nog niet langskomen om alles eens met ons te bespreken, dus besloot ik om te blijven tot de maandag. En toen kwam het. We mochten enkel de meisjes aangeven bij de burgerlijke stand omdat zij nog geleefd hebben. Ons zoontje was stilgeboren, dus hij had nergens recht op, hij kreeg zelfs geen achternaam! Ik vond dit zooo cru! Ik had mijn zoontje nog tot de laatste minuut voelen bewegen in mijn buik, maar omdat hij de bevalling niet had overleefd, was het precies of hij bestond niet! ‘Sorry mevrouw, maar dit is nu eenmaal de wet’ krijg je dan te horen. Ik kreeg wel moederschapsrust voor een meerling (19 weken i.p.v. 16) omdat de meisjes geleefd hadden, en god, dat kon ik goed gebruiken! Je leeft zo in een waas de eerste weken.

Hoe blij ik was dat ik samen met mijn schoonzus zwanger was, hoe eng ik het nu vind om haar zoontje binnenkort te zien opgroeien.

Met de tijd willen we nog wel eens een poging wagen, maar eerst bekomen van deze zwangerschap en mijn lichaam laten herstellen, want ik ga na 2 maanden nog steeds naar de kine. Ik heb wat problemen met mijn lies. Door de stress en de bevalling zitten mijn adductoren volledig verkrampt.

Maar we geven niet op, onze kindjes leven voort in onze gedachten. Ze hebben een eigen hoekje in de living, met hun urne en hun voetafdrukjes. Dicht bij ons! En ze gaan de wereld rond, want ik heb stickers laten maken met hun namen erop, zodat vrienden en familie hen kunnen meenemen op hun uitstap/reis. Ze hebben een eigen Facebookgroep ‘Alice_Lynn_Nyo_on_a_journey’ waar iedereen foto’s en tekstjes kan achterlaten voor hen.

Ooit komt er wel een regenboogkindje, we blijven erin geloven, hoe moeilijk het ook is! Dat kindje zal alvast 3 engelbewaarders hebben, er zijn er niet veel die dat kunnen zeggen!

 

Boven De Wolken is afhankelijk van giften.
Ondersteun hun werking:

Close
Close

Inloggen

Close

Cart (0)

Cart is empty No products in the cart.